Schoolrijpheid

De term schoolrijpheid wordt soms gebruikt voor de fase waarin een kleuterrijp is om voor het eerst naar school te gaan, maar meestal in de contextvan de overgang naar de lagere school.
Rond de leeftijd van zes jaar wordt een kind “schoolrijp” genoemd omdat het voldoende werk- en leerhouding heeft ontwikkeld en over de vaardigheden beschikt om te leren lezen, schrijven en rekenen.

Het kind heeft geleerd te functioneren in een groep. Dit wil zeggen dat het over voldoende zelfredzaamheid beschikt, om zijn plan te trekken en zich voldoende veilig te voelen in de school, Hij kan zich aan regels enafspraken houden, weet om te gaan met andere kinderen, durft nieuwe dingen doen en uitproberen,…
In het eerste opdracht. Het zal zelfstandig en stap voor stap kunnen werken aan kleine taakjes en kunnen doorwerken aan een taakje tot het af is. Het kan zich verstaanbaar uitdrukken in goede zinnen, is geïnteresseerd om nieuwe dingen te leren en beheerst zijn bewegingen.
Het is belangrijk dat het kind, vooraleer het leert schrijven, lezen, en rekenen, hiervoor voldoende interesse toont en de vaardigheden heeft ontwikkelt die aan dit nieuwe leren vooraf gaan. Zo kan de schoolrijpe kleuter al goed knippen, plakken en tekenen. Hij kan nauwkeurig en fijn werken. Hij kan l zinnetjes nazeggen en kleine verschillen horen en zien.
Hij kent de betekenis van de begrippen: groot, klein, dun, eerste, laatste,voor, achter, meer, minder,…
De spontane groei naar schoolrijpheid wordt al spelend thuis en in de kleuterklas gestimuleerd. De meeste kinderen worden als zij de normale speel- en ervaringskansen krijgen vanzelf ook schoolrijp. Maar kinderen verschillen in het tempo waarmee ze die ontwikkelingsfase bereiken. Wanneer ouders zich zorgen maken over de ontwikkeling van hun kind of menen dat het kind een aantal vaardigheden nog niet of onvoldoende beheerst, is het zinvol contact op te nemen met de kleuterleid(st)er of het CLB van de school. Zij kunnen ongerustheid wegnemen of met informatie en raad en daad bijstaan.